Gevonden merel ophalen

Artikel uit de Penneveer, najaar 2010

Eind maart wordt ik vroeg in de middag gebeld door de asielhoudster van de Vogel- en Egelopvang in Delft. Ze belt over een merel die door een mevrouw in Pijnacker is gevonden. Of ik de merel wil ophalen en naar de opvang brengen. Ik aarzel, want dieren verzorgen vind ik leuk, maar autorijden een stuk minder. Kan de mevrouw die hem gevonden heeft de merel zelf niet brengen? Dat blijkt niet zo eenvoudig te zijn, want ze is hoogbejaard, slechtziend en slecht ter been. Tja, ik kan me voorstellen dat het transport daardoor wordt bemoeilijkt.

joge-merel-op-takWe spreken af dat ik de merel ophaal en mee naar huis neem. Als de merel verzorging nodig heeft die ik niet kan bieden zal de merel bij mij worden opgehaald. Als het minder urgent is, verzorg ik de vogel thuis en neem ik hem ’s avonds mee naar de opvang, want daar moet ik toch heen voor mijn avonddienst.

 

 

Het ophalen van de merel
Voordat ik bij de mevrouw langs ga, bel ik haar op om mijn komst aan te kondigen. Ze is thuis en woont dicht bij mij in de buurt. Ik stap op de fiets en enige ogenblikken later ben ik bij het juiste adres. De mevrouw vertelt dat ze ’s ochtends was geschrokken van een zeer luide klap.

Ze vermoedde dat er een vogel tegen het raam was gevlogen en ging buiten kijken. Op haar terras vond ze een merel voor dood op de grond. Toen ze later nog eens keek leek de vogel een beetje te bewegen. Voor de zekerheid heeft ze hem in een schoenendoos gedaan en op haar tuintafel gezet om te voorkomen dat hij door een kat zou worden gepakt. Nadien heeft ze zo nu en dan gekeken en na verloop van de tijd kwam er steeds meer leven in de vogel.

jonge-merelsSamen gaan we naar buiten. De mevrouw tilt de deksel van de schoenendoos voorzichtig op en floep… daar zit een mooie volwassen merelman op de rand! Wat een onverwachte verrassing! Voor onze verbaasde ogen hipt hij op de tafel, van de tafel op de grond en hip, hip, hip door de tuin. Het is duidelijk dat de merel behoorlijk is opgeknapt na de botsing, maar vliegen doet hij niet, dus ik kan hem zo niet laten gaan. Ik zet de achtervolging in. De merel glipt door de tralies van een hek en gaat het aangrenzende plantsoen in. Ik klim over het hek, worstel door het struikgewas en na een minuut of vijf heb ik het voortvluchtige raamslachtoffer te pakken. Hij gaat weer in de doos, het deksel maken we
met plakband vast en ik ga weer terug naar huis.

Thuis breng ik de merel onder in een plastic krat met een krantje op de bodem en een ovenrooster als deksel. Het krat zet ik op een rustige plaats waar het niet al te warm is. Ik zet er een bakje water bij en een schoteltje met een paar regenwormen, stukjes appel en brood. Vervolgens bel ik de asielhoudster voor overleg. We besluiten dat de merel niet per direct naar de opvang hoeft, ik zal hem ’s avonds meenemen. In de loop van de middag wordt de vogel steeds actiever. Ik zie hoe hij met smaak de wormen naar binnen werkt.

In de opvang
In de opvang krijgt de merelman een keurig hokje. Als ik de deur van het hok open maak om er een bakje meelwormen in te zetten, ontsnapt hij en vliegt een rondje door de opvang. Een goed teken, de vogel kan weer vliegen! Het lijkt ons echter niet verstandig om hem nu los te laten. Het is al donker buiten en we kunnen de conditie van de vogel niet goed inschatten. Hij zal nog even in observatie moeten blijven.

jonge-merel-buitenDe volgende dag laat de asielhoudster weten dat de merel erg rustig is en hongerig. Bij een vliegtest in een grote volière bleek hij wel te vliegen, maar hij was gemakkelijk weer te pakken. Ze vertrouwt er niet op dat hij zich al kan redden in het vrije veld. Een week later is de merel nog in de opvang. Hij ziet er nu heel levendig uit, maar hij is nog niet vrijgelaten, omdat het weer de afgelopen dagen ongunstig was, veel regen en harde wind.

Een dag of tien nadat ik de merel in de opvang heb gebracht krijg ik van de asielhoudster het volgende bericht: “De merelman is door mij vanmorgen heel vroeg los gelaten op de kale maar geploegde grond van de kindertuinen. Na enige seconden doodstil staan, ging de staart omhoog en de vleugels naar beneden en begreep ik dat hij zich buitengewoon blij begon te voelen. Hij tjakte wat, je weet wel dat je de staart en vleugels ziet schokken, maar dan liefelijk en nam een vliegaanloop laag over de hele lengte van de kindertuinen, eindigend in een bosje vlak bij het vogeleiland”. Missie geslaagd!

Geschreven door Caroline Elfferich